Werkplekken en servers in beheer nemen betekent dat ons beheerprogramma erop komt en dat van de vorige partij eraf gaat. Daarna brengen we updates en back-up op orde. Medewerkers kunnen intussen gewoon doorwerken.
Inventariseer
We leggen per computer en server vast wat het is: merk, model, serienummer, leeftijd en wie ermee werkt. Dit overzicht is later de basis voor het hardwareplan.
Installeer het beheerprogramma
Op afstand of op locatie zetten we ons beheerprogramma op elk apparaat. Daarmee zien we updates, storingen en de staat van het apparaat en kunnen we hulp op afstand geven. Wat het programma wel en niet ziet, lees je in de handleiding over het beheerprogramma op je computer.
Verwijder de oude software
Het beheerprogramma en de antivirussoftware van de vorige partij verwijderen we. Zo draaien er geen twee programma's naast elkaar en heeft de vorige partij geen toegang meer tot je apparaten.
Werk updates bij
Achterstallige updates van Windows en programma's werken we bij. Is daar een herstart voor nodig, dan plannen we die buiten werktijd of in overleg.
Controleer en test de back-up
We controleren of de back-up van servers en bestanden draait, wat erin zit en hoe lang die wordt bewaard. Daarna testen we of terugzetten ook echt werkt.
Maak een hardwareplan
Uit de inventarisatie volgt welke apparaten aan vervanging toe zijn en wanneer. Dat bespreken we met je; zie de handleiding over een hardwareplan.
Heb je al een lijst van gebruikers en apparaten, stuur die dan vooraf mee. Dat scheelt tijd bij de inventarisatie.
Verwijder zelf geen software van de vorige partij voordat ons beheerprogramma erop staat. Anders staat een apparaat tijdelijk zonder bescherming en zonder toezicht.